A Doctor's Consultation

History | Religion | Intercultural interaction | Representation | Identity

Hoe we de strijd tegen moslimextremisme samen aan moeten gaan (en dit waarschijnlijk betekent dat we ons ‘recht’ op provocatie moeten opgeven).

In reactie op de onthoofding van geschiedenisdocent Samuel Paty kwam Emmanuel Macron met een oorlogsverklaring aan het adres van het islamisme. De “vijanden van de Republiek” zouden moeten worden verslagen. Dat moslimextremisme en terrorisme moeten worden bestreden staat natuurlijk buiten kijf, maar de manier waarop Macron deze oorlog afkondigde zal hier waarschijnlijk niet veel aan bijdragen. Want wie zijn deze ‘vijanden van de Republiek’? En hoe, en door wie, moeten ze worden verslagen?

Om daad bij woord te voegen werden de beruchte Charlie Hebdo-cartoons op overheidsgebouwen geprojecteerd in steden als Toulouse en Montpellier. De boodschap (zoals ook verwoord door de president van de regio): “De Franse vrijheid van meningsuiting kan niet ter discussie staan, en wie deze probeert aan te tasten is een vijand van de democratie”. Het probleem is echter dat het afbeelden van Mohammed door veel moslims (en niet alleen extremisten) wordt ervaren als een grove belediging van hun Profeet en religie. Dat wetende, is deze ‘symbolische actie’ tegen moslimterreur eerder een doelbewuste anti-islamitische provocatie die de kampen verdeelt in cartoon-voorstanders (als zogenaamde ‘voorvechters van de Republiek’) en cartoon-tegenstanders (als zogenaamde ‘vijanden van de Republiek’). Het gevolg: moslims worden in hun totaliteit weggezet als anti-Frans. 

Moslims zijn echter net zo goed onderdeel van de samenleving die wordt aangevallen door radicale fundamentalisten. Als zodanig zijn zij ook onderdeel van het eigen ‘kamp’. Dit heeft verschillende implicaties: Ten eerste kan niet van deze moslims worden verwacht dat zij zich telkens expliciet distantiëren van fundamentalistisch geweld. Als aanslagplegers inderdaad het doel hebben om ‘de samenleving te ontwrichten’, dan is de islamitische gemeenschap in deze samenleving daar ook slachtoffer van. En waarom zouden wij excuses verwachten van slachtoffers? Dit doen, is er (wederom) vanuit gaan dat moslims zich per definitie in het kamp van ‘de vijand’ bevinden, tenzij anders wordt bewezen. 

Ten tweede moet er verbinding worden gezocht met deze moslims. Een verdeeld leger is een zwak leger. Sterker nog: de polarisatie die doorgaans plaatsvindt als gevolg van moslimterreur is wat de samenleving werkelijk ontwricht. De Islam staat niet haaks op de ‘Franse (of Europese) cultuur’, maar hoe vaker dit zal worden geroepen, hoe meer het een self-fulfilling prophecy wordt. Zoeken we daarentegen toenadering, dan zal dat de sociale cohesie alleen maar ten goede komen. Zulke toenadering is niet alleen de taak van de moslimgemeenschap – in een gedeelde samenleving is dit een gedeelde verantwoordelijkheid.

Als laatste moeten moslims, als volwaardig onderdeel van de samenleving, dezelfde behandeling krijgen als anderen. Dit betekent niet alleen dat zij dezelfde plichten hebben, maar ook dat zij dezelfde bescherming moeten genieten. Waarom wordt er streng opgetreden tegen antisemitisme, maar vallen nadrukkelijk anti-islamitische acties als cartoons en koranverbrandingen onder ‘vrijheid van meningsuiting’? Wij doen alsof de vrijheid van meningsuiting een alles-overstijgend principe is, maar intussen leggen we deze wel degelijk aan banden wanneer expressie overgaat in haat en intimidatie. In Frankrijk wordt momenteel gekeken naar een verbod op bepaalde moslimgroepen die zijn beschuldigd van ‘het bevorderen van haat en geweld’, maar vallen cartoons en andere anti-islamitische provocatie niet ook onder deze categorie? 

Gehoor geven aan de oproep om te stoppen met dergelijke provocatie richting de moslimgemeenschap betekent niet ‘buigen voor de islam’. Het is simpelweg erkennen dat deze islam inmiddels onderdeel is van de eigen samenleving, en dat ook islamitische burgers het recht hebben om te worden beschermd tegen moedwillige intimidatie en haatmisdrijven. Dit zal de strijd tegen extremisme alleen maar ten goede komen, omdat het de eigen samenleving versterkt en de tegenstander munitie ontneemt. En wat verliezen we hier nou daadwerkelijk mee? Niemand gaat mij vertellen dat het maken van Mohammed-cartoons zo’n fundamenteel onderdeel vormt van de Franse (of ‘Europese’) identiteit dat het prioriteit geniet boven alle  andere waarden – namelijk die van inclusie, respect, en compassie. 

Lot

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Terug naar boven